CLUBTESTEN

Vaak gestelde vragen                        Af te leggen proeven

 

1.    Wat zijn clubtesten?
Clubtesten of schaatstesten zijn proeven die de schaatsers afleggen voor een officiële jury. Op deze manier laat de schaatser zien of zij geëvolueerd zijn in hun schaatstechniek

2.    Wat zijn schaatstesten niet?
Schaatstesten zijn zeker geen wedstrijd. De jury maakt geen klassement op. Zij beoordelen enkel of je al dan niet geslaagd bent voor je test.

3.    Hoeveel testen zijn er?
Bij Nieuw Olympia Turnhout zijn er 10 verschillende schaatstesten. Dit betekent eigenlijk 10 verschillende schaatsniveau’s. Uiteraard is de eerste schaatstest de gemakkelijkste en is de achtste test de moeilijkste.

4.    Als ik geslaagd ben in alle clubtesten, kan ik dan goed schaatsen?
Zij die geslaagd zijn in alle clubtesten mogen zich een uitmuntende schaatser noemen. Natuurlijk ben je nog geen kampioen. Maar op recreatief niveau sta je al hoog op de ladder.

5.    Moet ik stoppen met schaatsen als ik de tiende schaats behaald heb?
Helemaal niet! Ze zijn pas een begin. De schaatstesten bij NOT zijn enkel een begin. Nadat je de achtste schaats behaald hebt kan je jezelf verder bekwamen om dan op nationaal niveau testen af te leggen. Dan kan je ook aan wedstrijden gaan meedoen. 

6.    Wat gebeurt er als ik slaag in een clubtest?
Wanneer je geslaagd bent, krijg je een na afloop een certificaat van NOT. De resultaten worden ook zorgvuldig bijgehouden door de club, zodat we steeds kunnen achterhalen welke schaatstest je reeds behaald hebt.

7.    Krijg ik een herkansing als ik niet geslaagd ben?
Als je niet slaagt in je clubtest krijg je geen herkansing op dezelfde dag. Een volgende keer kan je uiteraard wel weer meedoen aan deze proef. Je kan zo vaak meedoen als nodig om te slagen, maar nooit op dezelfde dag.

8.    Mag ik aan meer dan één test meedoen?
Je kan maximaal 2 testen per keer afleggen.
De 2° test  waarvoor je bent ingeschreven mag je enkel afleggen als je voor de eerste geslaagd bent.

9.    Hoe schrijf ik mij in voor een clubtest?
De trainsters schrijven je in voor een clubtest. Zij zijn het best geplaatst om te oordelen of je klaar bent voor het afleggen van een test.

10. Waarom moet ik clubtesten afleggen?
Niemand is verplicht om schaatstesten af te leggen. Maar de meeste schaatsers zijn toch benieuwd naar hun vorderingen. De deskundige jury beoordeelt uw schaatstechniek volgens criteria die zijn vastgesteld door de VKSB. Als je slaagt voor een clubtest betekent dit dat je vorderingen gemaakt hebt in je schaatstechniek, en dat je over kan gaan naar een volgende schaatsgroep. Dit gebeurt enkel in overleg met de trainsters.

11. Hoe bereid ik mij voor op de clubtesten?
Heel het jaar door worden schaatsoefeningen aangeleerd tijdens de wekelijkse trainingen op woensdag, vrijdag of zondag. Deze oefeningen verschillen naargelang de groep waarin je bent ingedeeld. Elke groep doet oefeningen in functie van deze clubtesten.

12. Hoe vaak zijn er clubtesten?
NOT organiseert tweemaal per jaar clubtesten. Een eerste maal eind oktober en een tweede keer op 1 mei.

13. Wat levert het op?
Door het behalen van een clubtest weet je dat je een betere schaatser bent geworden. Door de extra trainingen en je eigen engagement ga je de vele schaatstechnieken beter onder de knie krijgen en zo ga je je ook zekerder voelen op het ijs. Dit is veel belangrijker dan het certificaat dat je krijgt na een geslaagde clubtest.

14. Hoeveel kost een clubtest?
Deelnemen aan een clubtest is gratis.

15. Wie is de jury?
De jury wordt autonoom aangeduid door de VKSB (Vlaamse Kunstschaats Bond). Meestal zijn er 2 juryleden aanwezig. NOT heeft geen inspraak in de keuze van de juryleden.

 

Af te leggen proeven

1ste schaats

  1. vooruit bollekes

  2. achteruit bollekes

  3. vooruit  skiën

  4. vooruit 2 benen zitje

  5. sneeuwploegrem

2de schaats

  1. vooruit schaatsen

  2. vooruit 1 been links en rechts

  3. reuzensprong

  4. vooruit sleepje 

  5. achteruit skiën

 

3de schaats

  1. vooruit buitenbogen links en rechts

  2. ooruit binnenbogen links en rechts

  3. chassés

  4. achteruit schaatsen

  5. achteruit 1 been links en rechts

4de schaats

  1. vooruit buitenwaartse drie pikepik links en rechts

  2. vooruit kantenwissels links en rechts

  3. vooruit swift links of rechts

  4. achteruit – voet voor kruisen

  5. vooruit overstappen

5de schaats

  1. achteruit buitenbogen links en rechts

  2. achteruit swift links of rechts

  3. achteruit overstappen

  4. vooruit binnenwaartse drie pikepik

  5. binnenwaartse mohawk met uitrijden, naar voor stappen op buitenboog links en rechts

6de schaats

  1. achteruit binnenbogen links en rechts

  2. vooruit en achteruit buitenkant cross rolls

  3. half flipje+ buitenwaartse drie pikepik links en rechts

  4. canadiënne

  5. achteruit kantenwissels links en rechts

7de schaats

  1. buitenwaartse mohawk in cirkel links en rechts

  2. vooruit buitenwaartse drie – achteruit binnenwaartse drie

  3. vooruit binnenwaartse drie - achteruit buitenwaartse drie

  4. vooruit overstap gevolgd door binnenboog, eindigen met
    T-stop (voet voor)

  5. buitenwaartse drie met achteruit overstap

8ste schaats

  1. rittbergerdraaien links en rechts op een lijn

  2. vooruit buitenwaartse dubbel drie links en rechts

  3. vooruit binnenwaartse dubbel drie links en rechts

  4. vooruit binnenwaartse rockers - achteruit overstap

  5. slangenbogen achteruit links en rechts

9de schaats

  1. in cirkel achteruit buitenwaartse en binnenwaartse brackets

  2. binnenwaarts achteruit dubbel drie

  3. buitenwaartse cross roll achteruit met buitenwaartse dubbel drie acheruit

  4. choctaw vooruit binnen, achteruit buiten

  5. mohawk (choctaw) – rocker binnenwaarts achteruit

10de schaats

  1. vooruit buitenwaartse drie – slangenboog -  achteruit buitenwaartse drie

  2. vooruit binnenwaartse drie – slangenboog -  achteruit binnenwaartse drie

  3. vooruit mohawk – counter binnenwaarts achteruit

  4. 3 buitenwaartse drieën met achteruit overstap

  5. 3 binnenwaartse drieën met vooruit overstap

 

 

 

 

1st ster

2de ster

3de ster

  1. landingspositie: 4à 5 achterwaartse overstappen / uitrijden
    (links en rechts)

  2. buitenwaartse drie links en rechts in cirkel
    (min 4, max 6 drieën)

  3. vooruit swift links en rechts
    (min 2 sec op rechte lijn)

  4. pirouette op 2 voeten met uitrijden
    (3 toeren)

  5. reuzensprong (bunny hop)

  6. stop naar keuze